Versand nach Deutschland € 11,95 Lagerartikel bis 14:00 Uhr bestellt, Versand am selben Werktag Lieferung in ganz Deutschland Sicher bezahlen mit Klarna & Kreditkarte
Cv-ketel met display en manometer
CV-ketel storingscodes

Nefit CV-ketel storing: codes, oorzaken en onderdelen (pagina 3 van 5)

Codes 301 tot 450 van de 619 storingscodes van Nefit. Zoek je een specifieke code, gebruik dan de zoeker op de eerste pagina.

Nefit cv-ketel storingscodes 301 tot 450 van 619

De codelijst is verdeeld over 5 pagina’s. Zoek je een specifieke code, gebruik dan de zoeker op de eerste pagina: die doorzoekt alle 619 codes in één keer.

CodeUrsache
2F 271Het gemeten temperatuursverschil tussen de aanvoer- en safetytemperatuursensor is te groot.
2F 271Storing temperatuursverschil
2F 338Starttest te vaak afgebroken
2F 345Der Vorlauftemperaturfühler misst nach einem Brennerstart keinen Temperaturanstieg.
2F 578Beim Fühlertest wurde eine zu große Temperaturdifferenz zwischen Vorlauf- und Rücklauftemperaturfühler gemessen.
2H 358De 3wegklep wordt gedeblokkeerd.
2H 358De 3-wegklep wordt gedeblokkeerd.
2L 266De pomptest is mislukt.
2L 266Der Drucksensor hat einen unzureichenden heizungsseitigen Durchfluss gemessen. Diese Prüfung wird alle 5 Minuten wiederholt.
2L 266De sensoren in het cv-toestel meten een afwijkende temperatuur.
2L 266De druksensor heeft na vier pogingen geen CV-zijdige drukverhoging kunnen meten.
2L 329Der Drucksensor misst keinen Wasserdurchfluss
2L 329Der Drucksensor misst keinen Wasserdurchfluss.
2PTemperatuur safetysensor stijgt te snel Te veel radiatoren dicht, draai meer radiatoren open. Bypass is te dicht bij de ketel geplaatst, plaats bypass op minimaal 6 meter van de ketel. Ketelvermogen van het toestel is te groot voor de installatie, vermogen van de ketel aanpassen. De safetysensor is mogelijk defect of verlopen
2PTemperatuur safetysensor stijgt te snel
2P 212Storing temperatuur: De aanvoer of safetysensor heeft een waarde gemeten die groter is dan 5 K/sec.
2P 212Die vom Vorlauftemperaturfühler oder Sicherheitstemperaturfühler gemessene Temperatur steigt zu schnell.
2P 212Die vom Vorlauftemperaturfühler oder Sicherheitstemperaturfühler gemessene Temperatur steigt zu schnell.
2P 212De gemeten temperatuur door de aanvoertemperatuursensor of de safetytemperatuursensor stijgt te snel
2P 341De sensoren in het cv-toestel meten een afwijkende temperatuur.
2P 341Die vom Vorlauftemperaturfühler oder Rücklauftemperaturfühler gemessene Temperatur steigt zu schnell.
2P 342Die vom Vorlauftemperaturfühler gemessene Temperatur steigt zu schnell.
2UDraai de luchtafscheider één slag open (mits die dicht zat).
2UDraai de luchtafscheider één slag open (mits die dicht zit)
2UDraai de luchtafscheider één slag open (mits die dicht zat)
2U 213Storing temperatuurverschil cv water
2U 213Die gemessene Temperaturdifferenz zwischen Vorlauf- und Rücklauftemperaturfühler ist zu groß.
2U 213De gemeten temperatuur tussen de aanvoer- en de retourtemperatuursensor is te groot.
2U 213De gemeten temperatuur tussen de aanvoer- en de retourtempera- tuursensor is te groot.
2U 349Die bei Kleinlast gemessene Temperaturdifferenz zwischen Vorlauf- und Rücklauftemperaturfühler ist zu groß.
2U 349Die bei Kleinlast gemessene Temperaturdifferenz zwischen Vorlauf- und Rücklauftemperaturfühler ist zu groß.
2U 349Het op laaglast gemeten temperatuurverschil tussen de aanvoertemperatuursensor en de retourtemperatuursensor is te groot.
2Y 281Störung Wasserdruck: Die Pumpe ist blockiert oder läuft in Luft.
2Y 281Die Pumpe ist blockiert oder läuft in Luft.
2Y 282Das Steuersignal der Pumpe fehlt.
2Y 282Storing pomp
305Cv-toestel kan tijdelijk na warmwatervoorrang niet starten
306Na gasuitschakeling: vlam wordt herkend
323Communicatiestoring van de sturing
328Netspanning kortstondig onderbroken
341Temperatuurverhoging toesteltemperatuur te snel
342Temperatuurverhoging warmwaterbedrijf te snel
350Kortsluiting aanvoertempertuursensor
351Onderbreking aanvoertemperatuursensor
356Voedingsspanning voor de warmtebron is te laag
357Ontluchtingsprogramma
358Pomptestprogramma actief
360Verkeerde codeerstekker
362Service-codeerstekker herkend
363Systeemstoring toestelelektronica: storing bij test van het ionisatiesignaal
364Magneetventiel EV2 lek
365Magneetventiel EV1 lek
3A 264Störung Tachosignal Gebläse. Das Tachosignal des Gebläses ist während der Betriebsphase ausgefallen.
3A 264Das Steuersignal oder die Spannung des Gebläses ist während des Betriebs ausgefallen.
3A 264Das Steuersignal oder die Spannung des Gebläses ist während des Betriebs ausgefallen.
3CToestel start niet, mogelijk is er een onderbreking in het elektrische circuit, controleer doorverbinding (roze / roze of bij de oude kabelkleur bruinwit / roze) in de kabelboom onder de UBA los zit. Controleer de UBA door tijdelijk een andere UBA aan te sluiten.
3CToestel start niet, mogelijk is er een onderbreking in het elektrische circuit.
3C 217Die Gebläsedrehzahl ist beim Anlauf unregelmäßig.
3C 217Storing luchttransport. Geen luchttransport na bepaalde tijd.
3C 217Das Gebläse läuft beim Anlauf unregelmäßig.
3F 273Het cv-toestel is maximaal 2 minuten uitgeschakeld geweest, omdat het cv-toestel gedurende 24 uur continu in bedrijf is geweest.
3F 273Het cv-toestel is maximaal 2 minuten uitgeschakeld geweest, omdat het cv-toestel gedurende 24 uur continu in bedrijf is geweest. Dit is een veiligheidscontrole.
3F 273Het cv-toestel is maximaal 2 minuten uitgeschakeld geweest.
3F 273Het toestel is gedurende enkele seconden uitgeschakeld geweest, omdat het toestel gedurende 24 uur continu in bedrijf is geweest.
3L 214Gebläse läuft während der Anlaufphase nicht.
3L 214De ventilator draait niet tijdens de opstartfase (0C).
3L 214Storing tachosignaal
3L 214De ventilator draait niet tijdens de opstartfase (code “0C”).
3P 216Das Gebläse läuft zu langsam.
3P 216Storing ventilator
3P 216Storing ventilator: De ventilator draait te langzaam.
3P 216Het ventilatortoerental is te laag.
3Y 215Das Gebläse läuft zu schnell.
3Y 215Het ventilatortoerental is te hoog.
3Y 215Storing ventilator: De ventilator draait te snel.
3Y 215Vergrendelende storing: De ventilator draait te snel.
3Y 215Vergrendelende storingscode: de ventilator draait te snel.
4 222Die Kontakte des Vorlauftemperaturfühlers sind kurzgeschlossen.
4 222Die Kontakte des Vorlauftemperaturfühlers sind kurzgeschlossen.
4ATemperatuur aanvoersensor is te hoog (> 101 C) De aanvoersensor en of retoursensor defect, verlopen, vervuild. Meet de weerstand van de aanvoersensor door.
4ATemperatuur aanvoersensor is te hoog (> 101 °C)
4A 218Der Vorlauftemperaturfühler hat eine Temperatur von über 105 °C gemessen.
4A 218De aanvoersensor heeft een cv-watertemperatuur gemeten die hoger is dan 105 °C.
4A 332Der Vorlauftemperaturfühler hat eine Temperatur von über 105 °C gemessen.
4A 332Der Vorlauftemperaturfühler hat eine Temperatur von über 110 °C gemessen.
4CSicherung F2 ist defekt. Brennerthermostat ist zu warm geworden. Die Vorlauftemperatur ist zu hoch. Zu viele Heizkörper geschlossen, mehr Heizkörper öffnen. Bypass ist zu nah am Kessel eingebaut, Bypass mindestens 6 Meter vom Kessel entfernt einbauen.
4CZekering F2 is defect. Branderthermostaat is te warm geworden. De aanvoertemperatuur is te hoog.
4C 224Wärmetauscher-Sicherheitstemperaturbegrenzer oder Abgas-Sicherheitstemperaturbegrenzer hat ausgelöst.
4C 224Der Sicherheitstemperaturfühler hat eine zu hohe Temperatur gemessen und ist geöffnet.
4C 224De branderthermostaat heeft een te hoge temperatuur gemeten en staat geopend.
4C 224De maximaal- of branderthermostaat heeft een te hoge temperatuur gemeten en staat geopend.
4E 278De sensortest is mislukt
4E 347De retourtemperatuursensor heeft een hogere cv-watertemperatuur gemeten dan de aanvoertemperatuursensor. Na 10 minuten volgt een herstart.
4E 347De retourtemperatuursensor heeft een hogere cv-watertemperatuur gemeten dan de aanvoertemperatuursensor. Na 10 minuten volgt een herstart.
4E 375De contacten de externe sensor (bijv. Solarsensor) zijn kortgesloten.
4E 376De contacten de externe sensor (bijv. Solarsensor) zijn onderbroken.
4FDe temperatuur van de safetysensor is hoger dan 101C Er is te veel weerstand in het CV-circuit, De bypass is foutief geïnstalleerd of ingesteld. De safetysensor is mogelijk defect of verlopen. De pomp krijgt geen spanning. Waterniveau in het CV-circuit is te laag.
4FDe temperatuur van de safetysensor is hoger dan 101 °C
4F 219De aanvoersensor heeft een CV-watertemperatuur gemeten die hoger is dan 105 °C.
4F 219De safetysensor heeft een CV-watertemperatuur gemeten die hoger is dan 105 °C.
4F 219De safetytemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 105 °C.
4F 219De safetytemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 105 °C.
4LDe safetysensor is kortgesloten De sensor is defect. Meet de weerstand van de sensor door
4LDe safetysensor is kortgesloten
4L 220De contacten van de safetysensor zijn kortgesloten of de safetysensor heeft een cv-watertemperatuur gemeten die hoger is dan 130 °C.
4L 220De contacten van de safetysensor zijn kortgesloten, of de safetysensor heeft een cv-watertemperatuur gemeten die hoger is dan 130 °C.
4L 220Die Kontakte des Sicherheitstemperaturfühlers sind kurzgeschlossen oder der Sicherheitstemperaturfühler hat eine Temperatur von über 130 °C gemessen.
4L 220Die Kontakte des Sicherheitstemperaturfühlers sind kurzgeschlossen oder der Sicherheitstemperaturfühler hat eine Temperatur von über 130 °C gemessen.
4PDe safetysensor maakt geen contact De sensor is defect. Meet de weerstand van de sensor door
4PDe safetysensor maakt geen contact
4P 221De contacten van de safetysensor zijn kortgesloten of de safetysensor heeft een cv-watertemperatuur gemeten die hoger is dan 130 °C.
4P 221De contacten van de safetysensor zijn kortgesloten, of de safetysensor heeft een cv-watertemperatuur gemeten die hoger is dan 130 °C.
4P 221Die Kontakte des Sicherheitstemperaturfühlers sind unterbrochen.
4UDe aanvoersensor is kortgesloten De aanvoersensor en of retoursensor defect, verlopen, vervuild. De safetysensor is mogelijk defect of verlopen
4UDe aanvoersensor is kortgesloten
4U 222De contacten van de aanvoersensor zijn onderbroken
4U 222Die Kontakte des Vorlauftemperaturfühlers sind kurzgeschlossen.
4U 350Die Kontakte des Vorlauftemperaturfühlers sind kurzgeschlossen.
4U 522Er wordt een sensortest uitgevoerd. Het cv-toestel wacht, totdat de test is geslaagd.
4U 522Er wordt een sensortest uitgevoerd
4YDe aanvoersensor maakt geen contact De aanvoersensor en of retoursensor defect, verlopen, vervuild. De safetysensor is mogelijk defect of verlopen.
4YDe aanvoersensor maakt geen contact
4Y 223De contacten van de aanvoersensor zijn onderbroken.
4Y 223Die Kontakte des Vorlauftemperaturfühlers sind unterbrochen.
4Y 351De contacten de aanvoertemperatuursensor zijn onderbroken.
5AUBA vergrendeld: Storing ontstaat door gebruik van Service Tool
5AUBA vergrendeld Storing ontstaat door gebruik van Service Tool
5CUBA vergrendeld
5C 226Service Tool is aangesloten geweest.
5FService Tool: servicetest duurt te lang.
5FUBA vergrendeld
5H 268Bedrijfscode: Component Testfase.
5H 268Component testfase
5P 552Er is vaker dan is toegestaan, een reset uitgevoerd door een op het cv-toestel aangesloten regeling of kamerthermostaat.
5YUBA vergrendeld
5YService Tool: servicetest duurt te lang of een cv-toestelparameter is gewijzigd.
5YNefit Service Tool: servicetest duurt te lang of een cv-toestelparameter is gewijzigd.
604Systeemstoring branderautomaat
6AEr treedt geen ionisatie op na ontsteekfase, er is wel vlambeeld maar vlam valt weg tijdens op toeren komen van ventilator De brander krijgt te weinig gas of er zit lucht in de gasleiding
6AEr treedt geen ionisatie op na ontsteekfase, maar de gloeiplug/ventilator werken wel
6AEr treedt geen ionisatie op na ontsteekfase, de gloeiplug werkt niet
6AEr treedt geen ionisatie op na ontsteekfase, de ventilator draait niet De ventilator werkt niet naar behoren: controleer ventilatorconnectoren,zekeringen.
6A 227De brander ontsteekt niet
6A 227Storing ionisatiestroom
6A 227Nach der Zündung des Brenners wurde ein unzureichender Ionisationsstrom gemessen.
6A 227Er is onvoldoende ionisatiestroom gemeten na het ontsteken van de brander
6CEr treedt ionisatie op na beindigen warmtevraag, de gasklep sluit niet
6CEr treedt ionisatie op na beëindigen warmtevraag, de gasklep sluit niet
6C 228Es wurde ein Ionisationsstrom gemessen, bevor der Brenner gestartet wurde.
6C 228Storing ionisatiestroom: Er is ionisatiestroom gemeten nadat de brander gedoofd is.

Onderdelen voor Nefit koop je bij Instalpunt. Terug naar de eerste pagina met de meestgezochte codes en veelgestelde vragen.

Nach oben scrollen